Schengen, de grenzeloze leegte

 

 

Tekst ©JosNijsten2005

 

Op 26 maart 1995 werd het Schengenakkoord van kracht. In het Luxemburgse dorpje Schengen werd een overeenkomst afgesloten tussen elf EU-lidstaten om het vrije verkeer van goederen binnen de unie tot stand te brengen. De ondertekenaars hadden er zich in februari 1986 toe verbonden het vrije verkeer van personen met dezelfde snelheid in te voeren. De beslissingen van de EU betreffende het personenverkeer zouden zelfs voorrang hebben op de Schengenakkoorden. Nieuwe lidstaten werden aangezet om toe te treden.

 

 

De theorie

 

De binnengrenzen verdwijnen geleidelijk aan, ook voor niet-Europeanen die wettelijk binnen de Schengenzone verblijven. Om rond te reizen binnen die zone is er in de eerste plaats een geldig identiteitsbewijs nodig. Een tweede vereiste is dat de reiziger over voldoende middelen beschikt om dat verblijf te bekostigen. En dan komen de uitzonderingen…

De toegang wordt ontzegd aan personen die beschouwd worden als gevaarlijk voor de openbare orde, de nationale veiligheid en de internationale relaties van één van de lidstaten. Verder wordt vermeden dat criminelen die misdaden begaan hebben in een lidstaat, het gerecht kunnen ontlopen in buurlanden. Om daarin te slagen is een samenwerking nodig tussen de politie van de Schengenlanden met een uitwisseling van informatie, een uitbreiding van het recht om iemand te schaduwen en op te sporen op het grondgebied van een andere staat en een verbetering van de communicatie-infrastructuur. Er is ook voorzien in een efficiëntere gerechtelijke samenwerking in het kader van uitleveringsprocedures. De aanpak van illegale wapenhandel en drugshandel krijgt extra aandacht.

 

De praktijk

 

Het bekende spreekwoord zegt "Als het regent in New York dan druppelt het in Brussel". Vanaf 11 september 2001 is elke moslim een potentiële terrorist, elke langharige een drugscrimineel. De nadruk ligt op repressie, de andere elementen uit Schengen zijn op stand-by gezet ofwel volledig afgevoerd. De mensensmokkel tiert welig en de controles zijn geïntensiveerd. De grensposten liggen er wat verlaten bij, maar de grenswachters duiken overal op waar vier wielen hen dragen kunnen.

 

Het was begin februari 2005. We keerden vanuit België terug naar ons stekje in de Catalaanse bergen. We steken zonder probleem de Belgisch-Franse grens over. Aan de Franse kant is het bijzonder druk. Alle autobussen moeten aan de kant, bagage staat verspreid op de parkeerterreinen en alles en iedereen wordt gefouilleerd. Daarvoor is er voldoende politie aanwezig. Wij schatten hun aantal op 300, de organisatoren houden het op 400. Voor een zondagavond kan dat tellen. In belastinggeld uitgedrukt bedoel ik. Het onveiligheidsgevoel bekruipt me. Het roept beelden op van de zwaarbewapende grensposten tussen het Oostenrijk van Adolf Waldheim en het Joegoslavië van Tito. Ondanks de vrijheidswind die over Europa waait en het respect voor de democratische principes van de Schengenakkoorden, wagen we het niet om wat verder te stoppen voor een foto. Je kan al net zo goed tegen hun benen gaan pissen en vragen of het warm is.

 

Aan de grens met Spanje heerst de constante drukte. Het winkelgetto tussen La Jonquera en Le Pertuis trekt dagelijks tienduizenden grenstoeristen. Controle is hier ondenkbaar. Ons reisdoel bereiken we via een kronkelende bergweg die ook als smokkelroute dienst doet. Daar wordt speciaal jacht gemaakt op auto's en bussen vol Roemenen. En er zijn blijkbaar heel wat mensen die hun miserie ontvluchten om in Spanje iets beters te vinden. Meestal tevergeefs. Een paar dagen later rij ik via de bergweg naar de Franse kant van de Pyreneeën om kaas te kopen bij een oude Belg die zich daar met een paar koeien en geiten heeft teruggetrokken. Tweemaal controle aan een wegversperring. Op de terugweg idem. En ik had niet eens een Roemeen bij.

 

Enkele weken later gaan we terug even naar België. In Nancy verlaten we de laatste péage-post. Enkele douanebeambten – ver van hun grenspost – houden ons staande. "Waar komen jullie vandaan? Hoe lang? Waarom? Mogen we eens achterin kijken?" "Ja, doe maar, niets te verbergen." "Wat hebben jullie in Spanje gedaan?" "Gewerkt, beetje vertalen, stukje schrijven…" "Over cannabis zeker?" (Hoe komen ze erop?) "Nee", antwoord ik en de overtuiging straalt van mijn gezicht af. In Frankrijk wordt immers onderscheid gemaakt tussen hennep en cannabis. Hennep is industrie en cannabis is drugs. Het is dan ook een hypocriet antwoord op een hypocriete vraag, maar geen leugen. De tot de nok volgestouwde wagen ontneemt hen de zin om verder te zoeken. Gelukkig maar want het heeft uren gekost om alles erin te proppen.

 

De slotsom

 

Het vrije personenverkeer in Europa loopt van de ene controlepost naar de andere. De terreur die gecreëerd wordt via een aanhoudend bombardement van persberichten over terrorisme heeft de Schengenakkoorden volledig uitgehold.

Een storm van onvrijheid raast over Europa.

 

Meer informatie over medicijnen meenemen op reis.