De hennepvezel stoomt door
Tekst ©JosNijsten2007
Foto’s IAF Reutlingen
In het Nederlands-Duitse grensgebied wordt, zodra
de financiering rond is, een hennepverwerkingsfabriek gebouwd. Het is een
project waar onder meer het Institut für Angewante Forschung
(IAF) uit Reutlingen en Plant Research International
(PRI), het onderzoekcentrum van de universiteit van Wageningen, bij betrokken
zijn. PRI ontwikkelde een hennepvariëteit waarmee circa tweeduizend hectare zal
ingezaaid worden. Het IAF heeft een procédé
ontwikkeld, de stoomexplosietechniek (Stex), om de waarde van bastvezel te verhogen. Uit die
samenwerking is Stextile BV gegroeid, een
vennootschap waar de bouwplannen en de technische kennis worden beheerd en waar
alle stappen van het productieproces, van zaad tot afgewerkte jeans, gecoördineerd
worden.
Bijna een eeuw geleden werd de hennepvezel van
de markt verdrongen door de nylonvezel en de katoenvezel maar is nu duidelijk aan
een inhaalbeweging begonnen. Onder meer in de productie van composieten speelt
de hennepvezel een steeds grotere rol. De auto-industrie zoekt noodgedwongen
naar recycleerbare en organische grondstoffen en verwerkt de lichte en
slijtvaste hennepvezel als versteviging in bepaalde onderdelen. Het hoge
potentieel van Stex-vezel voor het gebruik in
textielweefsel of voor technische composieten is reeds aangetoond. Voor meer
gedetailleerde informatie over de toepassingen van de vezel in constructie en
composieten verwijs ik naar andere artikels op deze site: Construction chanvre en Matériaux.
Stextile BV richt zich vooralsnog op de productie van
hennepvezel voor kleding.
Regionale henneptextiel keten
Het aanwenden van het Stex-procédé is vooral
interessant omwille van de mogelijkheid hennepvezels volgens een vooropgestelde
design op te splitsen zodat ze geschikt zijn om in de bestaande katoenmachines
verwerkt te worden. Daarmee komen we bij de vezel die geschikt is voor garenspinning, garen dat geweven kan worden tot stoffen
voor kleding. Uit volksgeneeskundige bronnen leren we dat mensen met een
gevoelige huid, met reuma, enz, aangeraden werd
henneptextiel te dragen. Recent onderzoek heeft uitgewezen dat die opvatting
niet ongegrond was. De micro-elektrische spanning van bastvezel (vlas, hennep)
compenseert precies de elektrische spanning van de huid. Je kan zelf
vaststellen dat synthetische stoffen de haren te berge doen rijzen en dat soms
de vonken zichtbaar overslaan. Hennep daarentegen gedraagt zich als een tweede
huid. De vezel werkt vochtregulerend en voert dus ook gemakkelijk lichaamszweet
af. Het gebrek aan eiwitten in de vezel verhindert tevens de ontwikkeling van anaërobe bacteriën die de oorzaak zijn van zweetgeurtjes.
Begin jaren 30
patenteerde Charles V. Rowell de stoomexplosietechniek
om vezels te scheiden van de andere bestanddelen van de stam. Sedertdien is de
techniek op vele vlakken verbeterd geworden. Het Institut
für Angewandte Forschung (IAF)
Reutlingen (D) startte in 1986 een experimentele
productie van STEX-vezels
uit vlas. De verwerking door STEX
kan aangepast worden aan de wisselende kwaliteit van de ruwe grondstof en levert een korte
vezel met een hoge zuiverheidgraad.
De verschillende opeenvolgende stappen in de productie,
verwerking en marketing werden samengebracht onder Stextile
BV. Dat begint uiteraard bij de juiste keuze aan hennepzaden. Bij Plant
Research International in Wageningen werd een variëteit ontwikkeld die heel
geschikt is voor de productie van de gewenste hennepvezel. Deze soort draagt de
naam 'Chamaeleon', is eenvoudig te verwerken, heeft
een geelgroene kleur en een fijne vezel. In 2005 en 2006 werden proefteelten
opgezet in Rheden (Nederland) en Kleve (Duitsland).
In de Euregio Rijn-Waal
ontstond een regionale henneptextiel keten waarin boeren, bedrijven en
onderzoekscentra de krachten bundelden. En het is uiteraard belangrijk om alle
schakels van de productieketen samen te brengen. De commerciële ontwikkeling
van de Stex-technologie maakt het mogelijk om die
productieketen te verbinden met de bestaande textielketen van de katoenverwerking.
De Chamaeleon wordt
in april ingezaaid en bereikt half augustus reeds een hoogte van drie tot vier
meter. Hennep groeit zonder bestrijdingsmiddelen en gewasbeschermingsmiddelen,
heeft weinig water nodig en kan zonder kunstmest geteeld worden. Het oogsten
gebeurt met een maïshakselaar. Na een natuurlijke roting op het veld is de gedeeltelijk van hout gezuiverde
stengel klaar voor de verdere verwerking. Het 'roten' is een biochemisch proces dat tot doel heeft de pectine
en koolwaterstoffen uit de vezelbundel te verwijderen (zie ook de traditionele verwerking
die jaarlijks gedemonstreerd wordt in Montjean-sur-Loire,
Frankrijk). Dit proces is evenwel niet gemakkelijk te controleren en levert een
product van variabele kwaliteit. Stoomexplosie kan zodanig gecontroleerd worden
dat welbepaalde eigenschappen aan de vezel kunnen worden meegegeven, wat
resulteert in een goede vezelkwaliteit en een minimaal productieverlies. Na de Stexbehandeling wordt de hennepvezel vermengd met
katoenvezel waarmee in een eerste fase jeans zullen geproduceerd worden, later
bedrijfskleding, orthopedische stoffen en huishoudelijk textiel. De jeans
zullen gemaakt zijn van een evenredig mengsel van hennep- en katoenvezels.
Het principe van Stex
Bij de stoomexplosiemethode
dringt de stoom, eventueel met additieven, onder druk en onder stijgende
temperatuur, in de ruimte tussen de vezels van de bastvezelbundels.
Op die manier worden het binnenste van de stam en de substanties eigen aan de
vezel, 'zachtjes' losgemaakt, en oplosbaar in water. Zij kunnen dan verwijderd
worden door herhaalde wassing en spoeling. Overeenkomstig de gewenste kwaliteit
van de losgemaakte vezels kan de stoomdruk plotseling gereduceerd worden tot
atmosferische druk en samen met de reststoffen weggeblazen worden naar een
bezinkingscompartiment. De combinatie van chemische en mechanische behandeling
geeft een efficiënte opsplitsing van de taaie bastvezelstructuur
met daarbij een verdere opsplitsing in losse vezels.


De opnames tonen een microscopische dwarsdoorsnede van
hennepvezels voor en na toepassing van de stoomexplosietechniek.
Op de eerste foto kunnen de hennepvezels nog steeds herkend worden als zeer
compacte vezelbundels, terwijl op de tweede foto, na de stoomexplosie, de
vezelbundels veel verder opgesplitst zijn zonder desintegratie van de
individuele cellen.
Door de beperkte snelheid waarmee stoom in de
vezelbundels binnendringt worden de hennepvezels gedurende tien minuten in de
reactiekamer van de installatie blootgesteld aan verzadigde waterdamp bij een
druk van tien tot twaalf bar. Dat compenseert het beperkte rotingproces
en levert een hoge opbrengst aan bruikbare vezels. Vezelplanten zijn van nature
uit variabel en als grondstof geschikt voor de meest uiteenlopende industriële
toepassingen. Om economisch interessante producten te maken en de talrijke
toepassingen van de hennepvezel ook ecologische betekenis te geven, is verder onderzoek
en ontwikkeling van de verwerkingsindustrie noodzakelijk. Of de vezel nu
gebruikt wordt voor textiel of voor technische toepassingen, de verwerking zou
best gebeuren met bestaande machinelijnen, zonder veel grote nieuwe
ontwikkelingen.
Het Stex-procédé
kan, voor de productie van speciale vezels, afgesteld worden overeenkomstig het
gewenste eindresultaat. Naargelang de instelling van het productieproces kunnen
'op aanvraag' vezels met specifieke kenmerken gemaakt worden. Zo kunnen
bijvoorbeeld nieuwe types hennepgaren ontwikkeld worden. Hetzelfde geldt voor
de productie van speciale vezels zoals breiwol of voor specifieke technische
toepassingen (filterproducten).
In 'Cannaclopedia' wordt
het stoomexplosieproces gedetailleerd uitgelegd (pag.
217-230)
Ook in België
In Vinalmont in de omgeving van Luik heeft 'Chanvreco' concrete plannen voor de bouw van een hennepverwerkende
fabriek. Wallonië heeft op het vlak van hennep trouwens heel wat te bieden. Een
overzicht van de Waalse industriële hennep verschijnt binnenkort op deze site.
(Bronnen: IAF Reutlingen, PRI Wageningen, www.stextile.com )