Geen verband tussen omvang van het cannabisgebruik en strafrechtelijke
vervolging
(Vertaling
JosNijsten voor IACM - ©opyleft)
Volgens een onderzoek
aan het Max Planck Instituut voor Buitenlands en Internationaal strafrecht,
uitgevoerd in opdracht van het federale gezondheidsministerie, zijn er
"grote verschillen in de strafrechtelijke vervolging van
cannabisgebruikers in de verschillende deelstaten. Een vergelijking met de
peiling van het Instituut voor Therapieonderzoek toont aan dat er geen verband
is tussen de omvang van het cannabisgebruik en de toepassing van de strafwet.
Het MP-Instituut onderzocht de toepassing van de strafwet in zes van de zestien Duitse deelstaten, Beieren, Berlijn, Hessen, Noordrijn-Westfalen, Saksen en Sleeswijk-Holstein. In 1994 vroeg het Federaal Grondwettelijk Hof om de strafvervolging op te schorten in een zaak over het bezit van een "kleine hoeveelheid" voor persoonlijk gebruik. Nochtans hebben de richtlijnen die gevolgd worden in de deelstaten grote onderlinge verschillen. De maximum hoeveelheden zonder strafvervolging zijn: in Beieren en Saksen 6 gram, in Noordrijn-Westfalen 10 gram, in Berlijn en Hessen 15 gram en in Sleeswijk-Holstein 30 gram. Er is bijvoorbeeld ook een onderscheid ten overstaan van herhaald druggebruik. In Beieren wordt aan 40 tot 60 procent van de gevallen geen verder gevolg gegeven, in Sleeswijk-Holstein en Berlijn ligt dat percentage tussen 80 en 90.
Het Instituut voor Therapieonderzoek bestudeerde het druggebruik in Duitsland in 2003 in opdracht van het federaal gezondheidsministerie. Daarvoor werden 8.061 personen tussen 18 en 59 jaar schriftelijk geïnterviewd. Volgens die peiling gebruikten 4,4 procent van de deelnemers uit Sleeswijk-Holstein, de meest liberale staat inzake drugsbeleid, tijdens de laatste 12 maanden cannabis. In Saksen en Beieren, twee van de meest repressieve staten, was dit respectievelijk 4,7 en 5,5 procent. Het Max Planck Instituut stelt vast dat de verschillen in de strafrechtelijke vervolging waarschijnlijk geen rechtstreekse invloed hebben op het gebruik van illegale drugs, maar verder onderzoek is vereist om een gefundeerde wetenschappelijke conclusie te brengen.
(IACM-Bron:
Schäfer C, Paoli L. Drogenkonsum und Strafverfolgungspraxis [Drug use and
practice of criminal prosecution]. Max-Planck-Institut, Berlin 2006)