Glaucoom – onderzoek met cannabinoïden

 

 

Het effect van marihuana op de oogboldruk werd bij toeval ontdekt toen de politie van Los Angeles samen met oogartsen van de Universiteit van L.A. begin jaren 1970 een onderzoek deed naar de eventuele verwijding/vernauwing van de pupil als gevolg van het gebruik van marihuana. Dit in de hoop hierbij personen die van het gebruik van marihuana verdacht werden, te kunnen arresteren. Het verschil in de pupilgrootte (een lichte vernauwing) bleek irrelevant. Er werd echter een opvallende verlaging van de oogboldruk vastgesteld.

 

glaucoom400Met betrekking tot de therapeutische waarde van marihuana bij glaucoom zijn alle rapporten en onderzoeksresultaten eenduidig en gelijkluidend: marihuana is zowel in dierenexperimenteel als bij humaan onderzoek een goede verlager van de oogboldruk met, in vergelijking met de gebruikelijke middelen tegen glaucoom, geringe bijwerkingen. Uit dierenexperimenteel onderzoek blijkt dat marihuana ook als tinctuur werkt (bijvoorbeeld oogdruppels), maar dit heeft nog niet tot het vervaardigen van voor mensen bruikbare ophtalmologische marihuanadruppels geleid.

 

Over de wijze van toediening en dosering is men helaas minder eenduidig: sommigen claimen effect met 2 keer per dag 20 mg zuivere THC, anderen wijzen de pure THC af als minder werkzaam en raden het roken van 2 keer per dag 1 gram marihuana aan. Dit geeft aan dat men het wel eens is over de werking, maar dat onderzoek naar een eenduidige dosis-respons-relatie nog een vrome wens is. Opvallend is dat veel publicaties ten aanzien van de medicinale werking van marihuana datzelfde gebrek vertonen. Alleen onderzoek gedaan met zuivere THC komt hieraan tegemoet, echter het merendeel van de auteurs gaat ervan uit dat de farmacologische werking van THC slechts een deel van de gunstige medicinale werking van marihuana verklaart.

 

(Bron: De Zwaan G – Stichting Patiëntenbelangen Medicinale Marihuana)

 

Sindsdien is er onderzoek gedaan naar de werking van cannabis en cannabinoïden voor de behandeling van glaucoom. IACM volgt die evolutie op de voet. Hieronder vind je een aantal korte artikels die in dat verband verschenen zijn in de tweewekelijks IACM-Berichten – waarop je overigens gratis kan inschrijven.

 

Tekst IACM – Vertaling JosNijsten voor IACM

 

Robert Randall en glaucoom

 

Robert Randall schreef geschiedenis toen hij in 1976 het federale gerechtshof in Washington ervan kon overtuigen om hem marihuana ter beschikking te laten stellen door de overheid. Randall kreeg als tiener glaucoom. Een oogarts zei hem begin jaren zeventig dat hij in een paar jaar tijd blind zou worden. Maar hij verloor nooit zijn gezichtsvermogen. Hij teelde zijn eigen cannabis tot hij gearresteerd en vervolgd werd. Hij onderging toen uitputtende tests waaruit besloten werd dat geen ander middel tegen glaucoom beschikbaar was dat de oogboldruk voldoende verlaagde om de verdere verstoring van zijn gezichtsvermogen te stoppen. Hij gebruikte dat argument om marihuana legaal ter beschikking te krijgen.

 

In november 1976 werd Randall de eerste persoon in de moderne Amerikaanse geschiedenis die op een legale, medisch gegronde manier toegang kreeg tot marihuana. In 1978 startte de federale overheid een speciaal programma ("Compassionate IND"), waardoor Randall en sommige andere patiënten de mogelijkheid kregen de niet toegelaten drug te bekomen.

 

In 1981 stichtten Randall en zijn vrouw Alice O'Leary de 'Alliance for Cannabis Therapeutics' (ACT), een organisatie die ijvert voor de wijziging van de wetten die medicinaal gebruik van marihuana verbieden. Begin jaren '90 concentreerde Randall zich op de therapeutische effecten van marihuana bij Aids-patiënten en hielp hen toegang te krijgen tot cannabis via het 'Compassionate IND'-programma. Honderden AIDS-patiënten deden een aanvraag, maar de federale overheid voerde plots het programma af. Enkel aan Randall en 7 andere patiënten die al lang een vergunning hadden, werd toegestaan verder legale marihuana van de overheid te gebruiken.

 

Robert Randall overleed op 2 juni in zijn huis in Sarasota, Florida, op 53-jarige leeftijd, na AIDS-gerelateerde complicaties.

 

(Bronnen: Associated Press van 5 juni 2001, http://www.drcnet.org/wol/189.html#robertrandall)

 

Intraoculaire druk

 

Er werden cannabinoïdereceptoren gevonden in het trabeculair netwerk en het culiaire deel van het menselijke oog. De endocannabinoïde anandamide werd ontdekt in het trabeculair netwerk. De onderzoekers veronderstellen dat de intraoculaire drukverlagende werking van cannabinoïden het gevolg is van de activering van CB1-receptoren in het traboculair netwerk waardoor de vochtuitstoot verhoogt.

 

(Bron: Stamer WD, et al. EUR J Pharmacol 2001 Nov 23;431(3):277-286)

 

Endocannabinoïden en oogboldruk

 

De werking van de nieuwe mogelijke endogene cannabinoïde, noladin ether, op de intraoculaire druk werd aan een studie onderworpen. Noladin ether verlaagde de intraoculaire druk onmiddellijk na toediening in het oog van een konijn, terwijl de bekende endocannabinoïden - anandamide en 2-arachidonylglycerol (2-AG) - eerst een drukverhoging teweegbrengen. De werking van noladin ether op de intraoculaire druk verschilde van die van de bekende endocannabinoïden mogelijk door zijn meer stabiele chemische structuur. Dit werd mogelijk gestuurd via een CB1-receptor.

 

(Bron: Laine K, et al. Invest Ophthalmol Vis Sci 2002 Oct;43(10):3216-22)

 

Glaucoom en endocannabinoïden

 

Italiaanse onderzoekers stelden vast dat de concentratie van endocannabinoïden in de oogbol bij glaucoompatiënten lager is dan in de ogen van gezonde personen. De bevindingen duiden op een mogelijke rol van deze endogene cannabinoïden bij de ziekte, voornamelijk bij de regeling van de intraoculaire druk.

 

(Bron: Chen J, et al. Biochem Biophys Res Commun 2005;330(4):1062-7)

 

Aanwezigheid endocannabinoïden

 

De endocannabinoïden anandamide, 2-AG (2-arachidonoylglycerol) en PEA (palmitylethanolamide) zijn aanwezig in verscheidene oogweefsels, inbegrepen het netvlies, de iris en het ciliair lichaam. Nieuw onderzoek wees uit dat in de ogen van glaucoompatiënten het peil van 2-AG en PEA, sterk verminderden in het ciliair lichaam. Vermits het ciliair lichaam een belangrijk weefsel is voor de regeling van de inwendige oogboldruk, kunnen deze endocannabinoïden van belang zijn bij glaucoom.

 

(Bron: Chen J, et al. Biochem Biophys Res Commun 2005;330(4):1062-7)

 

Terug