Agent Orange is terug

 

 

Tekst ©JosNijsten2001

 

Zeven maanden was de Environment Protection Agency bezig met een onderzoek van het coca-vernietigingsprogramma in Colombia.

 

Op vraag van hun eigen interne dienst in Washington DC, werden in een brief nadere gegevens opgevraagd over de schadelijkheid voor mens en milieu van de besproeiingen door de VS met Roundup Ultra, een chemische stof die volgens critici vergelijkbaar is met Agent Orange.

 

Toen de onderzoeksaanvraag op 10 december 2000 werd ingediend op een bijeenkomst van de National Environment Justice Advisory Council, werden veelbetekenende blikken gewisseld tussen de EPA-afgevaardigden.

 

Ze geloofden dat de aanvraag evenveel kans had om op het bureau van Christie Whitman te geraken 'als een sneeuwbal kans zou hebben in de hel'.

 

De EPA-afgevaardigden zaten er maar verveeld bij. Bush heeft de EPA monddood gemaakt. Kijk naar zijn houding t.o.v. het broeikaseffect en de verlaging van de standaard voor waterkwaliteit. Nu zoekt de president weer meer steun voor Plan Colombia waarvan verondersteld wordt dat de toevoer van cocaïne naar de straten van New York afgesneden wordt door in 5 jaar tijd de 120.000 hectaren coca in Colombia te halveren. Voor 2001 heeft de VS 1.300.000.000 dollar in de begroting opgenomen om het plan, dat 7.500.000.000 dollar kost, te ondersteunen met militaire anti-drugtraining en gevechtshelikopters. Totnogtoe heeft het plan niet gewerkt. Dit jaar alleen al werden méér dan 38.000 hectaren besproeid. Maar de cocateelt verplaatst zich naar andere delen van Colombia, en ze verspreidt zich in Ecuador.

 

Het plan is een voorwendsel geworden voor een contrarebellie in Vietnamstijl waarbij door de VS getrainde eenheden van het Colombiaanse leger verbonden zijn met paramilitaire doodseskaders die in een bloedige strijd verwikkeld zijn met de guerrilla. Amerikaanse elitetroepen voeren de trainingen uit maar worden buiten de gevechten gehouden. Wél worden Amerikaanse niet-militairen ingezet als piloten voor de sproeivliegtuigen, hun aanwezigheid in de gevechtslinies werd vastgesteld. Ondertussen worden ook de boeren met Roundup besproeid.

 

In 1993 werd een EPA-onderzoek gepubliceerd. Californische artsen rapporteerden dat glyfosaat, het actieve ingrediënt van Roundup, de derde plaats bezet op de lijst van 25 chemicaliën die schadelijk zijn voor de mens. Waarnemers zeggen dat de vliegtuigen die de Colombiaanse cocavelden besproeien, te hoog vliegen om gericht hun lading gif te lozen op de coca, en de veiligheid van de omliggende dorpen en landerijen niet kunnen garanderen. Als ze lager vliegen vormen ze een schietschijf voor het rebellenleger.

 

"Wij zijn bezorgd over de duur van het sproei-effect: als de boeren niet kunnen planten is er geen oogst, en geen eten", zegt Alberto Saldamando, algemeen adviseur van de International Indian Treaty Counsil. "Het zal gevolgen hebben voor de totale landbouweconomie. Wij zijn van mening dat de volksgezondheid geschaad wordt. Het gaat hier over de inheemse bevolking. Ze zijn arm, ze zijn zich niet bewust van de schade die aan hun gezondheid wordt toegebracht."

Na goedkeuring door de Raad werd de onderzoeksaanvraag behandeld door het Office of Environmental Justice, een soort filter en spellingscontrole, vooraleer te worden doorverzonden naar het ministerie. Vast en zeker is de aanvraag daar blijven hangen omwille van teveel typfouten ...

 

De onderzoeksaanvraag kwam alleszins niet bij Carol Browner van de uittredende Clintonadministratie terecht en het onderwerp werd tijdelijk opzijgeschoven toen Bush de controle verwierf over het Witte Huis. Uiteindelijk werd de aanvraag naar het Office of International Activities doorgeschoven waar de actie beperkt bleef tot gepalaver tussen voor- en tegenstanders.

 

Tenslotte werd de aanvraag teruggestuurd naar de adviesraad voor goedkeuring. Peggy Shepard, hoofd van de West Harlem Environmental Action en voorzitster van de adviesraad zei op 30 juli 2001 dat zij de onderzoeksaanvraag pas twee weken geleden ontvangen had. Zij verbeterde de tekst en stuurde alles naar Whitman. "De aanvraag werd niet weerhouden", zei ze, "ik heb de brief niet ondertekend omdat ik van mening was dat hij grammaticaal gezien zwak was en eigenlijk moest herschreven worden. Wat het te verwachten antwoord van Whitman betreft," zegt Shepard, "daar hebben we geen idee van. We hebben nog geen enkel contact gehad met haar sinds haar aanstelling."

 

Roundup wordt in heel de VS én Europa verkocht en de EPA zegt dat het veilig is voor de meeste van de commerciële toepassingen. Volgens de website van het departement buitenlandse zaken is glyfosaat minder giftig dan keukenzout, aspirine, cafeïne, nicotine en vitamine A. In een verslag van januari stelt buitenlandse zaken in samenwerking met de EPA, dat "er geen grond is om te veronderstellen dat er bezorgdheid moet zijn voor de volksgezondheid. Maar bij een minnelijke regeling gaf fabrikant Monsanto blijk van enige terughoudendheid ten aanzien van de glyfosaat-herbiciden. Monsanto trok zijn eerdere verklaring in waarbij zij stelden dat Roundup "veilig, niet giftig, onschadelijk en vrij van risico" is. Zij tekenden een verklaring waarin ze toegeven dat de bewering dat roundup "niet doorsijpelt in de teelaarde", onjuist is. Roundup Ultra, het product dat in Colombia gebruikt wordt, is een bereiding die versterkt wordt door andere krachtige chemicaliën die door ICI en Exxon geproduceerd worden.

 

Interne bronnen betwijfelen of Whitman haar steun zal verlenen aan de vraag om de effecten van Roundup op burgers en op het milieu te onderzoeken. Een EPA woordvoerder bevestigde dat de gevolmachtigde van Whitman, Linda Fisher (foto) een voormalig vice-president was bij Monsanto maar stelde dat de EPA niet bij de besproeiingen betrokken is. "Wij bepalen niet of in een ander land Roundup gebruikt wordt," zegt de woordvoerder, "alles wat we zeggen over het gebruik van chemicaliën in het buitenland zijn enkel veronderstellingen omdat we geen toelating hebben om te gaan verifiëren wat er gebeurt."

 

Voor critici is het duidelijk dat enige vorm van verificatie noodzakelijk is. "Wij toonden onze bezorgdheid over Roundup dat gebruikt werd zonder verwittiging en zonder aan de mensen te zeggen wat er in zit," zegt Saldamando. "Er is een gebrek aan publiek bewustzijn in de VS en vooral in Colombia. De kinderen worden ziek en volwassenen krijgen huiduitslag."

 

Plan Colombia heeft een korte maar controversiële geschiedenis. In 1999 besloot het General Accounting Office dat "de inspanningen van de VS en Colombia om genoeg coca en papaver te vernietigen om een vermindering van de teelt te bewerkstelligen, tot op heden zonder succes waren gebleven."Ondanks de vergiftiging van 65.938 hectaren Colombiaanse coca in 1998, noteerde het Office dat de totale teeltoppervlakte voor coca in Colombia gegroeid was van 101.800 tot 122.500 hectaren.

 

De ontbladering heeft meestal een verplaatsing van de teelt tot gevolg. Succesvolle vernietigingsprogramma's in Bolivia en Peru in de jaren 1990 leidden tot een sterke stijging van de productie in Colombia. "Het patroon is dat ontbladering de cocateelt van het ene gebied naar het andere jaagt, terwijl de totale teelt aangroeit," aldus een verslag van het Washington Office over Latijns Amerika. Vernietiging van de cocateelt resulteert op korte termijn niet in een stijging van de cocaprijzen. Volgens de DEA zijn de cocaïneprijzen in de VS ook niet gestegen.

 

Het rapport vermeldt ook dat er voor de beloofde alternatieven voor de boeren nog niets werd gedaan, in tegenstelling tot het militaire aspect van Plan Colombia dat op volle toeren draait.

Democratisch congreslid Jan Schakowsky die de voorsteden van Chicago vertegenwoordigt, heeft samen met democraten John Conyers uit Detroit en Cynthia McKinney uit Atlanta, een maatregel voorgesteld om de financiering voor de ontbladering stop te zetten. In februari leidde Schakowsky een missie naar Putumayo in Colombia waar zij gezondheidsministers, gouverneurs, burgemeesters en politie ontmoette. Allen hadden melding gemaakt van het vernietigende effect van Roundup. "De mensen vertelden over huidaandoeningen en problemen met het spijsverteringsstelsel," zei Schakowsky, "er is een stijgend aantal ontheemden. De legale voedingsgewassen zijn vernietigd samen met alles wat nodig is voor het levensonderhoud."

 

Over het effect van Plan Colombia in zijn geheel zei het congreslid: "We hebben geen wijzigingen vastgesteld in de beschikbaarheid of de prijs van cocaïne. Men hoeft geen genie te zijn om te beseffen dat als er een grote vraag is, de operaties zich zullen verplaatsen. Maar de vernietiging zal nooit aan de teelt kunnen voorafgaan."

 

(Bronnen: James Ridgeway in Village Voice van 1 augustus 2001 - Cannaclopedia p.100-102 en p.271-278)